De zwarte kolibirie

Ik heb zweethanden. ‘Clair Obscura’ het klonk zo cool. Een tikkeltje mysterieus. Nu zou ik het liefst wegrennen. Misschien kan ik een briefje achterlaten? Dan krijgt deze scène toch nog iets film-achtigs. Ik hoor het indringende en scherpe geluid van een naald die zwarte inkt in een gezonde huid schroeit. De geur van verbande huid. Het voelt alsof mijn maag zich omdraait. Vastgenageld aan mijn stoel. Gewoon blijven zitten. Ik wil dit immers. Toch…?!

Het is een mystieke wachtkamer in een donkere tattoostudio. Toen ik 2,5 jaar geleden voor mijn sport in Arnhem woonde dacht ik hier al over na. Een rennende vos op mijn schouderblad. Met subtiele lijntjes. Snel, dynamisch, sluw. Vossen zijn intrigerende dieren. Vooral omdat ze zo’n tweeledig imago hebben. Zijn ze aaibaar? Of juist sluw en roofzuchtig? De belichaming van snelheid op je schouder. Dat is toch mooi! En laat dit ook nét een stukje huid zijn waar mijn concurrentie niet omheen kan. Je tegenstanders op de atletiekbaan, al hijgend in je rug...

 

Mijn ideeën zijn vaak heel romantisch tot de werkelijkheid dichterbij komt. Plots waait de deur van de wachtkamer open en is één klap de hele ruimte gevuld. Haar entree voelt als een warme zomerzucht. Helemaal geen duistere ‘obscura’ maar een paarse franjejurk. Net boven de boezem een adelaar in een rijk kleurenpaillet en roodbruine krullen waar de zwaartekracht zich niks van aantrekt. "Are you ready honey?"

 

 Het is een kort moment stil. Vossen zijn schuchter en hebben een scherp oog voor dreigend gevaar.

"Honestly I am… maybe…uhm.. not that sure"  kraam ik uit. Ik word bevangen door een mix van schaamte en wanhoop. Ik weet dit van mezelf. Ik ben slecht in kiezen. Nog slechter in knopen doorhakken. Wanneer dingen definitief lijken te worden ren ik vaak weg. Ik hou niet van keuzes maken en de ambiguïteit die daar vaak aan verbonden is. Dit geldt voor alles: zelfs mijn sport en wonen. Ik ben graag in Groningen, graag in Gelderland. Maar kiezen doe ik niet. Dan maar gewoon twee plekken tegelijk. Mijn trainer noemt me een vlinder. Chaotisch en grillig. Ik wil graag hard lopen, soms kan ik me focussen, afzien en opgaan in strijdlust die nodig is om scherp te zijn. Maar ik hou evenveel van afleiding, cultuur, reizen, fladderen... ‘Onrust’ als karaktertrek of gewoon bang om het verkeerde te kiezen?

 

"I see where this is going. When you’re not 100%  sure my dear, I won’t get you inked. No need to rush. But girl, sometimes you have to stop doubting your doubts". 

Opgelucht sta ik buiten. Die laatste opmerking is zo treffend. Misschien is het allemaal niet zo moeilijk… Soms moet je gewoon gaan, gewoon doen. Eindeloos heroverwegen tot je geen structuur meer ziet in de wirwar van je eigen gedachtes is vermoeiend. Je verzetten tegen het feit dat je zo in elkaar zit evenzeer. Gebiologeerd kijk ik naar de letters ‘Clair Obscura’ en dan weet ik het zeker. Die sluwe vos met dat scherpe oog voor dreigend gevaar is niet mijn ding. Áls ik iets wil is het iets speels, iets dartelends. Een subtiele vlinder of een kleine kolibrie. Iets wat mij eraan herinnert dat ik die chaotische fladder best mag koesteren, maar dat deze soms, zonder al te veel schijnbewegingen, moet neerstrijken. 

Marcella Runs Europe  - Just a little all over the place